In 2012, Onderhoud

Als de temperatuur buiten te hoog is om de kachel nog aan te steken – of het kachelhout is op – gebruiken we een primus om te koken. Het is een ouderwetse petroleumbrander met een gebruiksaanwijzing. Veel varensgasten zeggen dat het aansteken van de primus te moeilijk of gevaarlijk voor ze is. Misschien zijn ze bang voor vieze vingers, want zo moeilijk is het niet. Als de sproeigaten in de branderkoppen tenminste af en toe doorgeprikt worden. Dat is een prutswerkje met een naaldje, dat heel fragiel is. Het naaldje moet loodrecht het sproeigat in anders raakt de prikker krom en kun je hem weggooien. Maar na veelvuldig gebruik breekt of buigt dat naaldje natuurlijk toch, en begint de zoektocht naar nieuwe.

Het is zover, en met de hulp van google ontdek ik de wondere wereld van verzamelaars van oude petroleumstellen en –lampen. Dankzij hen weet ik nu dat we aan boord jarenlang een klassieke Optimus 00 gebruikten. Het blik waar die in hoorde, is nu nog slechts in gebruik voor reparatiegereedschap, nieuwe leertjes en prikkers. Op een gegeven moment kreeg de EB58 van een vaste varensgast, die zich ergerde aan de oude primus die steeds slechter ging branden, een nieuw petroleumstel – een Optimus 182. Een hele luxe: met twee branders en twee tankjes waarop een wijzertje aangeeft hoever de brandstofvoorraad nog strekt. Ergens las ik dat het groene apparaat – zoals de onze – vanaf 1939 is gemaakt. Maar nu zijn dus de naaldjes op. De gewone buitensportwinkel weet – anders dan in 1995 – geen raad meer met de vraag om nieuwe prikkers. Wie wel?

Bertien

Recent Posts

Start typing and press Enter to search